Polyvagaaltheorie
Het autonome zenuwstelsel
Veel vrouwen die met trauma worstelen herkennen het gevoel dat hun lichaam niet meer meewerkt. Alles staat aan: spanning, onrust, een gejaagde gevoel, een hoge ademhaling. Of alles lijkt juist stil te vallen: vermoeidheid, moeite om in beweging te komen, gevoelloosheid, afgeslotenheid, alsof je omvat bent met wattige wolken. Je kunt ervaren dat je de regie kwijt bent en je niet deelneemt aan het leven, alsof het aan je voorbij gaat. En dat is niet prettig! Gevoelens van hulpeloosheid en machteloosheid of misschien (opgekropte) woede ken je al te goed. Het kan je het gevoel geven dat het leven een obstakel is wat je hebt te overleven.
De polyvagaal theorie helpt om deze reacties te begrijpen en craniosacraal therapie biedt een zachte toegankelijke manier om het zenuwstelsel, jouw lichaam, uit te nodigen naar veiligheid en herstel. Samen vormen ze een krachtige basis in lichaamsgerichte traumatherapie.
Wat is de polyvagaaltheorie?
De polyvagaal theorie van Stephen Porges beschrijft de werking van het autonome zenuwstelsel en hoe het reageert op signalen van veiligheid en gevaar. Hierbij speelt de Nervus Vagus (de tiende hersenzenuw die ook wel bekend staat als de zwervende zenuw) samen met vier andere hersenzenuwen een belangrijke rol.
* De vier andere hersenzenuwen die een belangrijke rol spelen zijn: de nervus trigeminus (V), de nervus facialis (VII), de nervus glossopharyngeus (IX) en de nervus accessorius (XI).
Wat is het autonome zenuwstelsel?
Het autonome zenuwstelsel (AZ) is het deel van ons zenuwstelsel dat ons vitale lichaamsfuncties aanstuurt. Denk maar aan de hartslag, de ademhaling, de spijsvertering, de bloeddruk, de stofwisseling, hormoonafgifte e.d. Dit zijn processen waarover we geen bewuste sturing/controle hebben. Het AZ wordt dan ook het onwillekeurige of vegetatieve zenuwstelsel genoemd.
Het AZ bestaat uit twee systemen: het parasympatische systeem en het sympathische systeem. Het parasympatisch deel wordt ook wel de rem genoemd en het sympathische deel het gaspedaal. Het parasympatische deel is weer opgedeeld in twee takken: de ventraal vagale tak en de dorsaal vagale tak.
Laten we deze verschillende systemen eens onder de loep nemen…
Het parasympatisch zenuwstelsel - de ventraal vagale tak
Wanneer het parasympatisch deel van het zenuwstelsel vanuit de ventraal vagale tak actief is voel je over het algemeen rust en ontspanning. Je hartslag is laag, je ademhaling is rustig en diep, er gaat meer bloed naar je organen voor de vertering en de werking ervan en het verlaagt je bloeddruk. In deze staat is er ruimte voor rust, herstel en integratie. Je voelt je hier veilig en bent in verbinding.
Dit deel van het zenuwstelsel wordt ook wel het ‘social engagement’ systeem genoemd, of te wel het sociale betrokkenheidssysteem.
De inmiddels wel bekende nervus vagus speelt hierbij een belangrijke rol. Het speelt een belangrijke rol in de mate van bewustzijn, alertheid en regulatie. Wanneer de nervus vagus actief is ben je in dit deel van het zenuwstelsel.
De ventrale vagale tak is ook de rem. Het zorgt ervoor dat je een bepaalde maten van stimulatie kunt hebben. We noemen dit ook wel de optimale arousal zone.
Laten we het vergemakkelijken met een metafoor. Wanneer je je lichaam ziet als een woning dan uit dit deel van het zenuwstelsel zich als een bewoond huis. Er komt rook uit de schoorsteen, de gordijnen zijn los, mensen aanwezig… het huis leeft, het is bewoond. Het brandalarm staat op waakstand altijd aan en bij bedreiging zal deze alarmeren.
Dit is geen plek waar alles geweldig is en er geen problemen zijn, maar het is wel een plek waar we over vaardigheden en hulpbronnen beschikken om uitdagingen aan te gaan.
Het sympathisch zenuwstelsel
Wanneer het sympathisch deel van het zenuwstelsel actief is gaat je hartslag omhoog, je ademhaling wordt sneller en oppervlakkiger, er gaat meer bloed naar je spieren zodat je in actie kunt komen. Het zorgt dus voor mobilisatie (actie), al dan niet doordat je dreiging of gevaar ervaart. Het is het deel van het zenuwstelsel waar, bij gevaar, de vecht of vluchtreactie geactiveerd wordt. Je ervaart hierbij dan hyperarousal en bent alert. Je voelt je hier dan vaak gejaagd, onrustig, gespannen, gestrest en de emoties boosheid en angst kom je hier tegen.
Als we dit deel van het zenuwstelsel in de metafoor van het huis gieten dan is dit het brandalarm in het huis. Deze staat altijd op waakstand en alarmeert wanneer er brand is (oftewel: gevaar of bedreiging) en gaat weer op waakstand als de brand geblust is.
Bij trauma slaat het brandalarm sneller alarm, het neemt bedreiging eerder waar en soms blijft het ook aan staan (hoe dat werkt lees je in mijn opkomende blog ‘Trauma en het brein’).
Als het brandalarm afgaat moet je in actie komen, want er is gevaar gesignaleerd. Mensen rennen, soms als een kip zonder kop, door het huis om zich veilig te weten. Er is veel actie en activiteit omdat er gevaar is waarvan we moeten ontsnappen, door te vechten of te vluchten.
De bevriezingsrespons
De bevriezingsrespons (freeze) bevat zowel de gemobiliseerde energie van het sympathisch zenuwstelsel als de geïmmobiliseerde energie van de dorsaal vagale tak. Doordat zowel het sympathische deel van het zenuwstelsel alsook de dorsaal vagale tak actief zijn kom je als het ware klem te staan en kun je niet meer bewegen. Van binnen ben je super actief en alert (je staat aan), arousal suist door je lichaam heen, maar je staat aan de grond genageld, je komt niet in beweging (immobilisatie). Vaak wordt de ademhaling langzaam en oppervlakkig en kan de hartslag dalen terwijl adrenaline door je lijf suist.
Deze overlevingsreactie wordt actief als gevolg van extreme bedreiging waarvan je niet kunt vluchten en vechten ook niet mogelijk is. Je verstijft en blijft onopgemerkt maar alert aanwezig.
In de metafoor van het huis gaat het alarm af en suist de adrenaline door je lijf heen, maar je komt niet in beweging, kunt niet vluchten of vechten maar bevriest. Je zit vast in je huis, de deuren op slot met het alarm dat loeit.
Het parasympatisch zenuwstelsel - de dorsaal vagale tak
Wanneer het parasympatisch deel van het zenuwstelsel vanuit de dorsaal vagale tak actief is voel je je vrijwel ook rustig. Echter gaat dit gepaard met een gevoel van verdoving, van leegte, van afstand. Je kunt je losgekoppeld voelen van jezelf, van de omgeving. Het is alsof je niet aanwezig bent en het leven aan je voorbij gaat. Je bent uit verbinding. In deze staat heb je geen energie, je komt moeizaam in beweging of doet dingen op de automatische piloot. Gevoelens als wanhoop, hulpeloosheid en extreme angst (al hoewel je die niet altijd hier meer bewust ervaart) kom je hier tegen. Hier ervaar je hypoarousal. Het is het deel wat immobiliseert doordat je levensbedreiging ervaart.
Wanneer dit deel van het zenuwstelsel actief is vanwege levensgevaar is dit je laatste uitweg. We kennen het als ineenstorting.
Kijkende naar de metafoor van het huis hebben we het hier over de basisvoorzieningen om in leven te blijven. Bij levensbedreiging vlucht men het huis uit, waardoor het huis onbewoond is. De verwarming blijft op de antibevriezingsstand aan staan. Echter is het wel koud, stil en leeg in huis en is er nauwelijks beweging en voel je niets meer.
Voor alle overlevingsreactie geldt dat je hier niet bewust voor kiest; het lichaam doet wat op dat moment nodig is om te overleven.
Schommelen tussen actie en rust
Na het beschrijven van deze verschillende overlevingsreacties is het belangrijk om te weten dat ons zenuwstelsel niet alleen reageert op levensbedreigend gevaar. Het beweegt de hele dag door tussen verschillende niveaus van activatie, ook wel arousalniveaus genoemd.
Het is heel normaal dat we in de loop van de dag schommelen tussen een hogere en een lagere arousal. Een hoger arousalniveau is nodig voor dynamische activiteiten. Denk aan sporten, opletten op je werk of in de klas, een trein of deadline halen, een presentatie geven of autorijden in druk verkeer. Dit zijn allemaal situaties waarin we ‘aan’ staan en alert moeten zijn.
Aan de andere kant zijn er momenten die juist vragen om een lager arousalniveau. Luieren in de hangmat, een kop thee drinken met een boek, luisteren naar rustige muziek, mediteren, slapen of knuffelen. Deze activiteiten nodigen het zenuwstelsel uit tot ontspanning en herstel.
Zolang we ons veilig voelen, kunnen we ons binnen deze beweging bevinden vanuit het parasympatische zenuwstelsel, via de ventrale vagale tak. Dit is onze gereguleerde zone, waarin we verbinding ervaren met onszelf, met de ander en met de wereld om ons heen. In deze staat zijn we aanwezig in het hier en nu, kunnen we waarnemen, voelen en reageren, en blijven we in contact met ons denkvermogen.
In een gezond zenuwstelsel werken deze verschillende delen goed samen. Ze wisselen elkaar af en reageren passend op wat zich in het moment aandient. Wanneer er iets gebeurt waardoor we moeten vechten of vluchten, en dit ook mogelijk is, kan het systeem zich daarna weer reguleren en terugkeren naar een gevoel van veiligheid en verbinding.
Bij trauma raakt deze natuurlijke samenwerking verstoord. Als gevolg van (chronisch) gevaar kan het zenuwstelsel moeite hebben om terug te keren naar veiligheid. Bepaalde delen blijven actief, ook wanneer het gevaar voorbij is. De blik raakt gewend aan dreiging, waardoor bedreiging sneller wordt waargenomen en veiligheid juist minder wordt opgemerkt.
Belangrijk om te benoemen is dat ook dit geen bewuste keuze is. . Net als bij de overlevingsreacties die hierboven zijn beschreven, doet het lichaam ook hier wat op dat moment het best mogelijke is om te leven. Zonder dat we daar bewust voor kiezen. Geen enkel deel van het zenuwstelsel is dan ook ‘slecht’ of ‘verkeerd’! Elk deel heeft een belangrijke functie in overleving en ook bij herstel. Wat niet wegneemt dat het ons leven kan beïnvloeden en ons in de weg kan zitten.
In de blog ‘Window Of Tolerance‘ ga ik dieper in op hoe dit werkt en hoe regulatie zich weer kan herstellen. Voor nu wil ik jullie kort meenemen in hoe craniosacraal therapie hierbij kan ondersteunen.
Craniosacraal therapie
Craniosacraal therapie sluit op een zachte en diepgaande manier aan bij deze kennis van het zenuwstelsel. In plaats van te werken aan klachten, nodigt deze vorm van therapie het lichaam uit om zich weer veilig te voelen. Door subtiele aanraking, aanwezigheid en afstemming krijgt het zenuwstelsel de ruimte om uit overlevingsreacties te bewegen. Zo kan regulatie zich opnieuw herstellen en kan vastgehouden overlevingsenergie ontladen.
Door te luisteren naar wat het lichaam nodig heeft, kan stap voor stap de weg terug naar verbinding, vitaliteit en herstel ontstaan. Je leert je lichaam – jezelf – beter kennen en krijgt meer houvast in het herkennen van reacties en in hoe je jezelf daarin kunt ondersteunen. Dat betekent niet dat je nooit meer ontregelt. Het betekent dat je er grip op krijgt, het eerder herkent en jezelf kunt opvangen.
Ben je na het lezen nieuwsgierig geworden? Of herken je jezelf in de overlevingsstand?
Wees welkom bij InVerbinding!
Liefs Rachel
Polyvagaaltheorie
Het autonome zenuwstelsel
Veel vrouwen die met trauma worstelen herkennen het gevoel dat hun lichaam niet meer meewerkt. Alles staat aan: spanning, onrust, een gejaagde gevoel, een hoge ademhaling. Of alles lijkt juist stil te vallen: vermoeidheid, moeite om in beweging te komen, gevoelloosheid, afgeslotenheid, alsof je omvat bent met wattige wolken. Je kunt ervaren dat je de regie kwijt bent en je niet deelneemt aan het leven, alsof het aan je voorbij gaat. En dat is niet prettig! Gevoelens van hulpeloosheid en machteloosheid of misschien (opgekropte) woede ken je al te goed. Het kan je het gevoel geven dat het leven een obstakel is wat je hebt te overleven.
De polyvagaal theorie helpt om deze reacties te begrijpen en craniosacraal therapie biedt een zachte toegankelijke manier om het zenuwstelsel, jouw lichaam, uit te nodigen naar veiligheid en herstel. Samen vormen ze een krachtige basis in lichaamsgerichte traumatherapie.
Wat is de polyvagaaltheorie?
De polyvagaal theorie van Stephen Porges beschrijft de werking van het autonome zenuwstelsel en hoe het reageert op signalen van veiligheid en gevaar. Hierbij speelt de Nervus Vagus (de tiende hersenzenuw die ook wel bekend staat als de zwervende zenuw) samen met vier andere hersenzenuwen een belangrijke rol.
* De vier andere hersenzenuwen die een belangrijke rol spelen zijn: de nervus trigeminus (V), de nervus facialis (VII), de nervus glossopharyngeus (IX) en de nervus accessorius (XI).
Wat is het autonome zenuwstelsel?
Het autonome zenuwstelsel (AZ) is het deel van ons zenuwstelsel dat ons vitale lichaamsfuncties aanstuurt. Denk maar aan de hartslag, de ademhaling, de spijsvertering, de bloeddruk, de stofwisseling, hormoonafgifte e.d. Dit zijn processen waarover we geen bewuste sturing/controle hebben. Het AZ wordt dan ook het onwillekeurige of vegetatieve zenuwstelsel genoemd.
Het AZ bestaat uit twee systemen: het parasympatische systeem en het sympathische systeem. Het parasympatisch deel wordt ook wel de rem genoemd en het sympathische deel het gaspedaal. Het parasympatische deel is weer opgedeeld in twee takken: de ventraal vagale tak en de dorsaal vagale tak.
Laten we deze verschillende systemen eens onder de loep nemen…
Het parasympatisch zenuwstelsel - de ventraal vagale tak
Wanneer het parasympatisch deel van het zenuwstelsel vanuit de ventraal vagale tak actief is voel je over het algemeen rust en ontspanning. Je hartslag is laag, je ademhaling is rustig en diep, er gaat meer bloed naar je organen voor de vertering en de werking ervan en het verlaagt je bloeddruk. In deze staat is er ruimte voor rust, herstel en integratie. Je voelt je hier veilig en bent in verbinding.
Dit deel van het zenuwstelsel wordt ook wel het ‘social engagement’ systeem genoemd, of te wel het sociale betrokkenheidssysteem.
De inmiddels wel bekende nervus vagus speelt hierbij een belangrijke rol. Het speelt een belangrijke rol in de mate van bewustzijn, alertheid en regulatie. Wanneer de nervus vagus actief is ben je in dit deel van het zenuwstelsel.
De ventrale vagale tak is ook de rem. Het zorgt ervoor dat je een bepaalde maten van stimulatie kunt hebben. We noemen dit ook wel de optimale arousal zone.
Laten we het vergemakkelijken met een metafoor. Wanneer je je lichaam ziet als een woning dan uit dit deel van het zenuwstelsel zich als een bewoond huis. Er komt rook uit de schoorsteen, de gordijnen zijn los, mensen aanwezig… het huis leeft, het is bewoond. Het brandalarm staat op waakstand altijd aan en bij bedreiging zal deze alarmeren.
Dit is geen plek waar alles geweldig is en er geen problemen zijn, maar het is wel een plek waar we over vaardigheden en hulpbronnen beschikken om uitdagingen aan te gaan.
Het sympathisch zenuwstelsel
Wanneer het sympathisch deel van het zenuwstelsel actief is gaat je hartslag omhoog, je ademhaling wordt sneller en oppervlakkiger, er gaat meer bloed naar je spieren zodat je in actie kunt komen. Het zorgt dus voor mobilisatie (actie), al dan niet doordat je dreiging of gevaar ervaart. Het is het deel van het zenuwstelsel waar, bij gevaar, de vecht of vluchtreactie geactiveerd wordt. Je ervaart hierbij dan hyperarousal en bent alert. Je voelt je hier dan vaak gejaagd, onrustig, gespannen, gestrest en de emoties boosheid en angst kom je hier tegen.
Als we dit deel van het zenuwstelsel in de metafoor van het huis gieten dan is dit het brandalarm in het huis. Deze staat altijd op waakstand en alarmeert wanneer er brand is (oftewel: gevaar of bedreiging) en gaat weer op waakstand als de brand geblust is.
Bij trauma slaat het brandalarm sneller alarm, het neemt bedreiging eerder waar en soms blijft het ook aan staan (hoe dat werkt lees je in mijn opkomende blog ‘Trauma en het brein’).
Als het brandalarm afgaat moet je in actie komen, want er is gevaar gesignaleerd. Mensen rennen, soms als een kip zonder kop, door het huis om zich veilig te weten. Er is veel actie en activiteit omdat er gevaar is waarvan we moeten ontsnappen, door te vechten of te vluchten.
De bevriezingsrespons
De bevriezingsrespons (freeze) bevat zowel de gemobiliseerde energie van het sympathisch zenuwstelsel als de geïmmobiliseerde energie van de dorsaal vagale tak. Doordat zowel het sympathische deel van het zenuwstelsel alsook de dorsaal vagale tak actief zijn kom je als het ware klem te staan en kun je niet meer bewegen. Van binnen ben je super actief en alert (je staat aan), arousal suist door je lichaam heen, maar je staat aan de grond genageld, je komt niet in beweging (immobilisatie). Vaak wordt de ademhaling langzaam en oppervlakkig en kan de hartslag dalen terwijl adrenaline door je lijf suist.
Deze overlevingsreactie wordt actief als gevolg van extreme bedreiging waarvan je niet kunt vluchten en vechten ook niet mogelijk is. Je verstijft en blijft onopgemerkt maar alert aanwezig.
In de metafoor van het huis gaat het alarm af en suist de adrenaline door je lijf heen, maar je komt niet in beweging, kunt niet vluchten of vechten maar bevriest. Je zit vast in je huis, de deuren op slot met het alarm dat loeit.
Het parasympatisch zenuwstelsel - de dorsaal vagale tak
Wanneer het parasympatisch deel van het zenuwstelsel vanuit de dorsaal vagale tak actief is voel je je vrijwel ook rustig. Echter gaat dit gepaard met een gevoel van verdoving, van leegte, van afstand. Je kunt je losgekoppeld voelen van jezelf, van de omgeving. Het is alsof je niet aanwezig bent en het leven aan je voorbij gaat. Je bent uit verbinding. In deze staat heb je geen energie, je komt moeizaam in beweging of doet dingen op de automatische piloot. Gevoelens als wanhoop, hulpeloosheid en extreme angst (al hoewel je die niet altijd hier meer bewust ervaart) kom je hier tegen. Hier ervaar je hypoarousal. Het is het deel wat immobiliseert doordat je levensbedreiging ervaart.
Wanneer dit deel van het zenuwstelsel actief is vanwege levensgevaar is dit je laatste uitweg. We kennen het als ineenstorting.
Kijkende naar de metafoor van het huis hebben we het hier over de basisvoorzieningen om in leven te blijven. Bij levensbedreiging vlucht men het huis uit, waardoor het huis onbewoond is. De verwarming blijft op de antibevriezingsstand aan staan. Echter is het wel koud, stil en leeg in huis en is er nauwelijks beweging en voel je niets meer.
Voor alle overlevingsreactie geldt dat je hier niet bewust voor kiest; het lichaam doet wat op dat moment nodig is om te overleven.
Schommelen tussen actie en rust
Na het beschrijven van deze verschillende overlevingsreacties is het belangrijk om te weten dat ons zenuwstelsel niet alleen reageert op levensbedreigend gevaar. Het beweegt de hele dag door tussen verschillende niveaus van activatie, ook wel arousalniveaus genoemd.
Het is heel normaal dat we in de loop van de dag schommelen tussen een hogere en een lagere arousal. Een hoger arousalniveau is nodig voor dynamische activiteiten. Denk aan sporten, opletten op je werk of in de klas, een trein of deadline halen, een presentatie geven of autorijden in druk verkeer. Dit zijn allemaal situaties waarin we ‘aan’ staan en alert moeten zijn.
Aan de andere kant zijn er momenten die juist vragen om een lager arousalniveau. Luieren in de hangmat, een kop thee drinken met een boek, luisteren naar rustige muziek, mediteren, slapen of knuffelen. Deze activiteiten nodigen het zenuwstelsel uit tot ontspanning en herstel.
Zolang we ons veilig voelen, kunnen we ons binnen deze beweging bevinden vanuit het parasympatische zenuwstelsel, via de ventrale vagale tak. Dit is onze gereguleerde zone, waarin we verbinding ervaren met onszelf, met de ander en met de wereld om ons heen. In deze staat zijn we aanwezig in het hier en nu, kunnen we waarnemen, voelen en reageren, en blijven we in contact met ons denkvermogen.
In een gezond zenuwstelsel werken deze verschillende delen goed samen. Ze wisselen elkaar af en reageren passend op wat zich in het moment aandient. Wanneer er iets gebeurt waardoor we moeten vechten of vluchten, en dit ook mogelijk is, kan het systeem zich daarna weer reguleren en terugkeren naar een gevoel van veiligheid en verbinding.
Bij trauma raakt deze natuurlijke samenwerking verstoord. Als gevolg van (chronisch) gevaar kan het zenuwstelsel moeite hebben om terug te keren naar veiligheid. Bepaalde delen blijven actief, ook wanneer het gevaar voorbij is. De blik raakt gewend aan dreiging, waardoor bedreiging sneller wordt waargenomen en veiligheid juist minder wordt opgemerkt.
Belangrijk om te benoemen is dat ook dit geen bewuste keuze is. . Net als bij de overlevingsreacties die hierboven zijn beschreven, doet het lichaam ook hier wat op dat moment het best mogelijke is om te leven. Zonder dat we daar bewust voor kiezen. Geen enkel deel van het zenuwstelsel is dan ook ‘slecht’ of ‘verkeerd’! Elk deel heeft een belangrijke functie in overleving en ook bij herstel. Wat niet wegneemt dat het ons leven kan beïnvloeden en ons in de weg kan zitten.
In de blog ‘Window of Tolerance‘ ga ik dieper in op hoe dit werkt en hoe regulatie zich weer kan herstellen. Voor nu wil ik jullie kort meenemen in hoe craniosacraal therapie hierbij kan ondersteunen.
Craniosacraal therapie
Craniosacraal therapie sluit op een zachte en diepgaande manier aan bij deze kennis van het zenuwstelsel. In plaats van te werken aan klachten, nodigt deze vorm van therapie het lichaam uit om zich weer veilig te voelen. Door subtiele aanraking, aanwezigheid en afstemming krijgt het zenuwstelsel de ruimte om uit overlevingsreacties te bewegen. Zo kan regulatie zich opnieuw herstellen en kan vastgehouden overlevingsenergie ontladen.
Door te luisteren naar wat het lichaam nodig heeft, kan stap voor stap de weg terug naar verbinding, vitaliteit en herstel ontstaan. Je leert je lichaam – jezelf – beter kennen en krijgt meer houvast in het herkennen van reacties en in hoe je jezelf daarin kunt ondersteunen. Dat betekent niet dat je nooit meer ontregelt. Het betekent dat je er grip op krijgt, het eerder herkent en jezelf kunt opvangen.
Ben je na het lezen nieuwsgierig geworden? Of herken je jezelf in de overlevingsstand?
Wees welkom bij InVerbinding!
Liefs Rachel

